Op 5 augustus 1984 wordt de eerste olympische marathon voor vrouwen gelopen. Het beeld dat de wereld bijblijft is een zwalkende Zwitserse.
Op 5 augustus 1984 wordt de eerste olympische marathon voor vrouwen gelopen. De winnares schrijft geschiedenis, maar het beeld dat de wereld bijblijft is de wankelende finish van Gabriëla Andersen-Schiess.
Sporthistorie · Olympische Spelen 1984
De finish die niemand vergat
Gabriëla Andersen-Schiess eindigt als 37ste, maar wordt het gezicht van de eerste olympische vrouwenmarathon.
Een historische doorbraak voor de vrouwenmarathon
De marathon voor vrouwen stond in 1984 voor het eerst op het olympische programma. Dat was opmerkelijk laat. Vrouwen liepen al jaren internationale marathons, maar binnen de olympische sportwereld leefde lang het idee dat de afstand voor vrouwen te zwaar of zelfs gevaarlijk zou zijn.
Los Angeles 1984 moest daarom méér worden dan een wedstrijd. Het evenement gold ook als bewijs dat vrouwen de klassieke afstand van 42,195 kilometer op het hoogste niveau konden lopen. Juist daarom kreeg de moeizame finish van Gabriëla Andersen-Schiess zoveel symbolische lading en leidde die meteen tot discussie.
De wedstrijd werd bovendien gelopen in oplopende hitte. De organisatie had extra medische posten, drinkmogelijkheden en observatie langs het parcours ingericht. Daarmee werd de eerste olympische vrouwenmarathon ook een testcase voor veiligheid en medische begeleiding bij duursport in extreme omstandigheden.
400 meter die eindeloos lijken te duren
Op 5 augustus 1984 staat de eerste Olympische marathon voor vrouwen op het programma. Niet de winnares wordt jaren later nog herinnerd. Het is een Zwitserse die als 37e eindigt, die de meeste aandacht voor zich opeist. Haar finish doet de meeste mensen nu nog steeds gruwen.
Voor de ogen van 70.000 geshockeerde fans in het Coliseum en miljoenen tv-kijkers over de gehele wereld legde Gabriëla Andersen-Schiess de laatste 400 meter in het stadion, wankelend en ogenschijnlijk half verlamd af. Wanhopige officials wisten niet wat te doen - of de 39-jarige atlete uit haar lijden te verlossen door haar uit de baan te nemen of haar strompelend het einde te laten halen.
De eerste olympische vrouwenmarathon
Op de Olympische Spelen van Los Angels in 1984 stond er voor het eerst een Olympische marathon voor vrouwen op het programma. Er werd over de gehele wereld allang door vrouwen om eer en geld op de langste afstand gestreden, maar de Olympische officials waren conservatief en zagen er aanvankelijk niets in.
Het zou gevaarlijk zijn voor vrouwen, vonden zij. Vandaar dat Joe Henderson, voormalig directeur van het International Runners Committee, voor de start van de L.A. Women marathon, de hoop uitsprak dat het 'een indrukwekkende race zou worden en reclame voor vrouwensport'. Gabriëla Andersen-Schiess gooide uiteindelijk roet voor hem in het eten.
Hoewel het die ochtend-de start is om acht uur-aan de oceaan koel is, onderkennen de vertrekkende atletes het gevaar van de toenemende hitte. Nadat zij, na vijf kilometer, de kustlijn zullen hebben verlaten, komt the Valley -waar de hitte groot zal zijn.
De organisatie heeft tal van veiligheidsmaatregelen genomen, na overleg met de IAAF. Er zijn 21 hulpposten op de route, 8 daarvan zijn volgens de verantwoordelijke chef-arts Osher uiterst 'wetenschappelijk en naar de modernste medische maatstaven' ingericht. De atletes worden onderweg af en toe besproeid met koud water, kunnen veel drinken en worden door camera's geobserveerd.
De wedstrijd
Gabriëla Andersen heeft voor zichzelf een plaats in de middenmoot bedacht. En aanvankelijk gaat alles volgens plan. Na vijftien kilometer is de Amerikaanse Benoit onbereikbaar. De achterstand van haar op een groep van tien vooraanstaande deelneemsters valt echter te overzien. Grete Waitz sleurt een Portugese, Engelse, Canadese, Finse, Australische, Italiaanse, Nieuw-Zeelandse en een andere Noorse met zich mee.
De warmte neemt toe. Ook de Hollandse Carla Beurskens houdt zich staande in het exclusieve gezelschap. Andersen volgt op minder dan anderhalve minuut. Ze is tevreden met deze positie. Het gaat zoals gehoopt.
Na 40 kilometer wordt ze geklokt op 2 uur, 36 minuten en 13 seconden. Dat is een enorm verval. Julie Brown, een Amerikaanse, die na 35 kilometer zes minuten op Gabriëla achter lag haalt haar exact op de 40 km-grens in. Zij ziet Andersen – zo kort voorde finish- in de problemen komen. 'O ja, ze had problemen, liep niet goed meer, strompelde, stond af en toe stil. Maar dat gebeurt vaker. Daar moet je doorheen' aldus Brown.
De laatste 400 meter
Andersen is echter serieus in de problemen. Ze heeft in eerdere wedstrijden al problemen met de hitte gehad en dat euvel speelt haar nu ook parten. Als ze het stadion binnenloopt, oogt ze als een wrak. Haar linkerarm hangt als verlamd langs haar lichaam, ze loopt scheef, hangt bijna, haar ogen staren niets ziend in de camera's van ABC, haar mond hangt open. Andersen die uit de tunnel van het stadion komt, de baan op, het machtige Coliseum binnen.
De 70.000 toeschouwers zwijgen als ze begrijpen wat er aan de hand is. En beginnen vervolgens te juichen. Ze moet het halen! Officials stormen op haar af. Haar aanraken, ondersteunen of verzorgen mag niet. Het zou automatisch diskwalificatie betekenen. Dokter Osher legt de laatste 400 meter samen met Gabriëla Andersen af, lopend langs de baan. Tot tweemaal toe wil hij haar benaderen, ze wuift hem weg. Ze is aan het einde van haar krachten, maar deze marathon wil ze uitlopen.
Andersen finisht in 2 uur, 48 minuten als 37ste. Achter haar finishen nog zeven atleten. Zodra ze over de streep struikelt, wordt ze op een brancard gelegd. Andersen krijgt water en ijs over haar hele lichaam. Ze moet afkoelen. Haar lichaamstemperatuur is iets hoger dan 40 graden maar ze blijft zweten. Droog zou ze in levensgevaar zijn, nu niet. Na een half uur kan Gabriëla Andersen-Schiess weer praten.
Heldin en discussie
Amerika koestert haar als een heldin. Een moedige vrouw. Pas daarna laaien de discussies op. ABC herhaalt haar finish tot in het oneindige. Het blijft een misselijk makend beeld.
Gabriëla Andersen-Schiess: 'Bepaalde dingen kan ik me niet meer herinneren. Of ik water heb gedronken bijvoorbeeld. Ik dacht dat ik me tot pal voor het einde goed voelde. De laatste 400 meter duurde en duurde maar. Ik dacht dat ik er al was, maar de finishlijn werd steeds verder gelegd. Ik heb eerder klachten gehad bij warm weer, was extra voorzichtig. Maar niet bang. Ik heb mezelf teruggezien, wat geen prettig gezicht was. Maar ik was blij dat ze me de race lieten uitlopen.'
Olympische vrouwenmarathon 1984
Gebruikte bronnen
Wikipedia en Sport International. De aangeleverde hoofdtekst is inhoudelijk behouden en alleen in de bekende Sportkroniek-structuur geplaatst. Context en factfile zijn als afzonderlijke redactionele blokken toegevoegd.


COMMENTS